Tie-break

5. Tie-break.

Om de wedstrijden wat in te korten
heeft men in 1976 het "tie-break systeem" ingevoerd. Deze treedt
in werking bij de stand 6-6 in games, behalve in de beslissende set (tenzij
de wedstrijdleiding anders bepaalt).

De tie-break gaat als volgt:

  • De speler die aan de beurt is om te serveren serveert vanaf rechts voor het eerste punt.
  • De tegenpartij serveert daarna vanaf links voor het tweede punt en vervolgens vanaf rechts voor het derde punt.
  • Iedere speler serveert daarna steeds voor twee punten. Eerst vanaf links en daarna vanaf rechts.
  • Er wordt "normaal" geteld:
    1, 2, 3, etc.
  • De partij die het eerst 7 punten haalt (met een verschil van twee punten) wint de tie-break. Hij wint de set dan met 7-6.
  • Na iedere 6 punten in de tie-break moeten de spelers wisselen van speelhelft.
  • De partij die het eerst serveerde in de tie-break, moet ontvanger zijn in de eerste game van de volgende set.

Voorbeelden van gewonnen tie-breaks: 7-0 ; 7-5 ; 9-7 ; 12-10 ; etc.
Voorbeelden van wedstrijduitslagen: 7-6 , 7-6 ; 6-3, 7-6 ; 6-2, 6-7, 7-5 ; etc.
Soms wordt tussen haakjes een cijfer vermeld achter de tie-break: 7-6 (3). Dit geeft dan aan dat de uitslag in de tie-break 7-3 is geweest.